Zelfliefde begint misschien niet bij jezelf geweldig vinden, maar bij hoe je met jezelf omgaat wanneer iets niet lukt. Wanneer je een fout maakt, twijfelt of merkt dat je opnieuw reageert op een manier waarvan je dacht dat je die inmiddels achter je had gelaten.
Juist dan kan eerlijk naar jezelf kijken ongemerkt veranderen in kritiek. Je wilt leren, verantwoordelijkheid nemen en het een volgende keer anders doen, maar ondertussen maak je van wat er gebeurde ook iets persoonlijks: wat zegt dit over mij?
Misschien hoef je daarom niet te leren hoe je méér van jezelf kunt houden. Misschien begint het ermee dat je ziet wanneer je jezelf afwijst, wat je met die hardheid probeert vast te houden en wat er verandert wanneer je ook op moeilijke momenten naast jezelf blijft staan.
Drie vragen om even bij stil te staan
- Hoe praat jij tegen jezelf wanneer iets niet lukt? → Misschien gebruik je dan een toon die je bij iemand van wie je houdt nooit zou gebruiken.
- Wat probeer je vast te houden wanneer je streng voor jezelf blijft? → Misschien niet alleen controle of kwaliteit, maar vooral de zekerheid dat je goed genoeg blijft zolang je maar je best doet.
- Wat zou er veranderen wanneer je jezelf niet eerst hoefde af te wijzen om iets te mogen veranderen? → Dan ontstaat ruimte om eerlijk te kijken, verantwoordelijkheid te nemen en toch naast jezelf te blijven staan.
Bij een ander zie je de fout. Bij jezelf wordt het persoonlijk
Stel dat een goede vriendin je ’s avonds belt. Ze heeft op haar werk een fout gemaakt. Tijdens een bespreking heeft ze iets over het hoofd gezien en een collega moest haar daarop wijzen. Ze schaamt zich en vertelt dat ze de hele middag heeft gedacht dat ze beter had moeten weten.
Waarschijnlijk zeg je niet: “Ja, dat was inderdaad stom van je. Hoe kun je zoiets missen?”
Je luistert. Misschien zie je dat ze moe was, veel tegelijk moest doen of gewoon iets zorgvuldiger had moeten zijn. Maar één fout bepaalt voor jou niet ineens wie zij is. Als ze iets moet herstellen, hoef je dat ook niet weg te praten. Je kunt heel goed vinden dat ze verantwoordelijkheid moet nemen en tegelijkertijd dat ze zichzelf daarvoor niet de hele avond hoeft af te breken.
Een paar dagen later gebeurt jou iets vergelijkbaars. Je stuurt een mail te snel weg en ontdekt daarna dat je iets belangrijks verkeerd hebt geïnterpreteerd. Je voelt onmiddellijk spanning en nog voordat iemand erop heeft gereageerd, begint het gesprek in je hoofd.
Hoe kon ik dit missen? Ik had beter moeten opletten. Dit is toch niet nodig?
Bij je vriendin zag je het verschil tussen wat ze deed en wie ze is. Bij jezelf kan dat verschil razendsnel verdwijnen. Het gaat niet langer alleen over ik heb iets verkeerd gedaan, maar bijna ongemerkt ook over wat zegt dit over mij?
“Zelfliefde begint niet bij jezelf geweldig vinden, maar bij jezelf niet afwijzen zodra iets schuurt.”
Bij een ander vertrouw je erop dat begrip niet automatisch tot gemakzucht leidt. Je weet dat iemand verantwoordelijkheid kan nemen zonder eerst te worden afgebroken.
Waarom zou dat bij jou anders moeten zijn?
Waarom streng zijn voor jezelf zo logisch kan voelen
We zijn meestal niet streng voor onszelf omdat we onszelf graag pijn doen. Vaak zit er juist iets achter wat we belangrijk vinden. Je wilt zorgvuldig zijn, verantwoordelijkheid nemen, leren van wat er misgaat en voorkomen dat je dezelfde fout opnieuw maakt.
Daardoor kan zelfkritiek behoorlijk overtuigend voelen. Misschien heb je het idee dat je jezelf ermee scherp houdt. Zonder die innerlijke druk zou je kunnen verslappen, dingen te gemakkelijk opnemen of jezelf te snel iets vergeven.
Hardheid krijgt zo bijna de functie van een interne toezichthouder: iemand moet ervoor zorgen dat jij het goed blijft doen.
Toch lopen daar gemakkelijk twee dingen door elkaar. Er is een wezenlijk verschil tussen denken: Dit ging niet zoals ik wilde. Wat kan ik hiervan leren? en: Hoe kan ik dit nou weer zo verkeerd doen?
De eerste reactie gaat over wat er gebeurde. De tweede raakt al snel aan wie jij bent.
Daar kan verantwoordelijkheid ongemerkt veranderen in zelfafwijzing.
In Zelfkritiek loslaten: waarom mildheid meer helpt dan streng zijn lees je meer over dat verschil. Mildheid betekent niet dat je jezelf spaart, maar dat je geen hardheid nodig hebt om eerlijk naar jezelf te kunnen kijken.
Zelfafwijzing begint vaak al vóór het verhaal in je hoofd
Er gebeurt iets. Een collega reageert kort, iemand beantwoordt je bericht niet, je maakt een fout of je merkt aan iemands gezicht dat een opmerking anders aankomt dan je bedoelde.
Nog voordat je precies begrijpt wat er aan de hand is, reageert je lichaam vaak al. Misschien trekt je buik samen, wordt je adem wat hoger of voel je spanning in je schouders.
Dat is op dat moment wat je werkelijk ervaart.
Vrijwel meteen komt je hoofd erbij. Het probeert te begrijpen wat er gebeurt, herkent iets uit eerdere ervaringen en geeft betekenis aan wat je voelt. Dan kunnen gedachten ontstaan als: Hij vindt me niet goed genoeg. Ik heb het verpest. Ze zal wel teleurgesteld in mij zijn. Zie je wel, dit doe ik altijd.
Vanaf dat moment reageer je niet meer alleen op wat er werkelijk gebeurde, maar ook op wat je hoofd ervan heeft gemaakt.
Dat onderscheid lijkt klein, maar is belangrijk. Spanning in je buik is een ervaring. Ik voldoe niet is een conclusie. Het ene kun je voelen, het andere is de betekenis die je eraan geeft.
Wanneer die twee in elkaar schuiven, kan zelfafwijzing bijna vanzelf ontstaan. Je voelt iets onaangenaams en voordat je het weet, lijkt dat gevoel iets over jou te bewijzen.
Daarna begint vaak het malen. Je haalt een gesprek opnieuw terug, bedenkt wat je anders had moeten zeggen, probeert in te schatten wat de ander van je vindt of neemt je voor om de volgende keer nóg beter op te letten. Zelfs wanneer de gebeurtenis allang voorbij is, kan jij er vanbinnen nog mee bezig zijn.
Juist daar kan iets veranderen. Niet door jezelf snel gerust te stellen, maar door eerst even te merken wat er werkelijk in je gebeurt.
“Wat je voelt en wat je hoofd ervan maakt, zijn niet automatisch hetzelfde.”
Soms zijn een paar seconden vertraging al genoeg om dat verschil weer te zien.
Wat probeer je met die hardheid vast te houden?
Daaronder zit nog een laag. Want waarom willen we onzekerheid, schaamte of spanning vaak zo snel kwijt?
Soms is zelfkritiek niet alleen een manier om onszelf te verbeteren. Ze helpt ons ook om iets wat onaangenaam voelt weer onder controle te krijgen.
Je maakt een fout en voelt onzekerheid. Vrijwel onmiddellijk komt de gedachte: Ik moet beter opletten. Iemand reageert afwijzend en voordat je de teleurstelling werkelijk hebt gevoeld, ben je al bezig met wat je anders had moeten doen. Je voelt schaamte en neemt je voor dat zoiets je nooit meer mag gebeuren.
Op het eerste gezicht lijkt dat daadkracht. Maar onder die beweging kan ook een poging zitten om niet opnieuw te hoeven voelen wat zojuist werd geraakt.
Je wilt weg van het ongemakkelijke gevoel en probeert tegelijkertijd iets vast te houden: controle, waardering, zekerheid of het idee dat je veilig bent zolang je het maar goed genoeg doet.
Soms vertaalt zich dat in voorwaarden die zo vertrouwd zijn geworden dat je ze nauwelijks meer hoort.
Als ik het goed doe, mag ik tevreden zijn.
Als ik geen fouten maak, kan ik ontspannen.
Als anderen mij waarderen, weet ik dat ik voldoende ben.
Er is niets mis met iets goed willen doen of ergens naartoe willen groeien. Het wordt anders wanneer een resultaat ook moet bepalen hoe jij daarna met jezelf mag omgaan.
Een kritische opmerking kan dan langer blijven hangen dan tien complimenten. Je hebt iets goed afgerond, maar je aandacht is alweer bij wat beter kan. Of je merkt dat je wel op de bank zit, maar vanbinnen nog steeds bezig bent met wat je had moeten doen, zeggen of voorkomen.
“Wanneer je waarde steeds opnieuw bewezen moet worden, komt rust nooit echt aan de beurt.”
In Zelfopgelegde prestatiedruk komt van binnenuit lees je meer over hoe die innerlijke druk ontstaat. Niet het verlangen om iets goed te doen veroorzaakt de meeste spanning, maar wat dat doen ongemerkt over jou moet bewijzen.
Wanneer je dat begint te zien, krijgt liefde voor jezelf een andere betekenis. Dan gaat het niet alleen meer over vriendelijker tegen jezelf praten. Het gaat ook over losser komen van de voorwaarden waaronder jij jezelf toestemming geeft om goed met jezelf te zijn.
Mildheid betekent niet dat alles ineens goed is
Hier ontstaat gemakkelijk weerstand. Want wanneer je jezelf niet meer zo hard aanspreekt, wie zorgt er dan dat je verantwoordelijkheid blijft nemen?
Stel dat je ongeduldig reageert tegen iemand van wie je houdt. Je kunt daarna urenlang tegen jezelf zeggen dat je je had moeten beheersen, het gesprek opnieuw afspelen en je streng voornemen dat het nooit meer mag gebeuren.
Je kunt ook erkennen dat dit niet was zoals je wilt reageren en vervolgens kijken naar wat er vlak daarvoor in je gebeurde. Misschien was je al gespannen, voelde je je niet gehoord of was je moe en had je signalen van je lichaam al langere tijd genegeerd.
Daarmee praat je je gedrag niet goed. Wanneer je jezelf niet eerst hoeft te verdedigen tegen je eigen oordeel, kun je soms juist eerlijker zien wat van jou is.
Je kunt sorry zeggen, iets herstellen en een volgende keer eerder herkennen dat de spanning oploopt. Dat is verantwoordelijkheid nemen zonder jezelf daarvoor eerst te hoeven straffen.
Zelfkritiek zegt gemakkelijk: Er is iets mis met mij.
Verantwoordelijkheid zegt: Dit is van mij en ik kan ermee omgaan.
Dat verschil geeft ruimte.
Liefde voor jezelf begint met bij jezelf blijven
Wanneer je begint te herkennen hoe snel voelen, denken en reageren elkaar opvolgen, ontstaat er ruimte tussen wat je raakt en wat je vervolgens automatisch doet.
Je merkt bijvoorbeeld spanning op en ziet tegelijkertijd welke conclusie je hoofd eraan wil verbinden. In plaats van daar onmiddellijk in mee te gaan, kun je het gevoel even toelaten en erkennen wat er werkelijk aan de hand is.
Dat betekent niet dat je niets meer hoeft te doen. Misschien moet je iets herstellen, een grens aangeven, sorry zeggen of een volgende keer anders kiezen.
Maar die keuze hoeft niet voort te komen uit strijd met jezelf.
Voor mij zit daar een diepere vorm van liefde voor jezelf. Niet in jezelf voortdurend geruststellen of vertellen dat alles goed is, maar in bij jezelf blijven wanneer iets ongemakkelijk wordt.
Juist wanneer je twijfelt, iets verkeerd hebt gedaan of wanneer iemand iets in je raakt, hoef je jezelf niet ook nog te verlaten.
Loslaten wordt dan heel concreet. Je laat niet je verantwoordelijkheid los en ook niet je verlangen om te groeien. Je laat vooral los wat je hoofd er allemaal bovenop heeft gelegd: dat je geen fouten mag maken, dat je jezelf eerst moet afwijzen om te kunnen veranderen of dat je opnieuw moet bewijzen dat je voldoende bent.
Wat overblijft is niet onverschilligheid, maar ruimte om te voelen wat er is, te erkennen wat van jou is en van daaruit opnieuw te kiezen.
Misschien raakt dit precies aan wat jij al langer meedraagt.
Niet omdat je het niet begrijpt.
Wat je vasthoudt, werkt vaak langer door dan je denkt.
Loslaten begint met stilstaan bij wat er vanbinnen om aandacht vraagt.
Samen kijken wat jou vasthoudt →
Eerst rustig verder lezen? Lees
wat loslaten echt betekent
.
Maar omdat het nog iets met je doet.
Conclusie: je hoeft niet je eigen tegenstander te worden
Het is relatief gemakkelijk om tevreden met jezelf te zijn wanneer het leven meewerkt. Wanneer je energie hebt, iets lukt en mensen positief op je reageren, hoef je meestal niet zoveel moeite te doen om goed met jezelf om te gaan.
De relatie met jezelf wordt juist zichtbaar wanneer het anders loopt.
Liefde voor jezelf betekent dan niet dat je alles aan jezelf mooi moet vinden of dat je nooit meer kritisch mag zijn. Het betekent dat je een fout kunt zien zonder jezelf tot die fout te maken, spanning kunt voelen zonder onmiddellijk te besluiten dat er iets mis met je is en verantwoordelijkheid kunt nemen zonder jezelf daarvoor eerst af te breken.
Misschien hoef je dus niet voortdurend te proberen méér van jezelf te houden. Misschien begint het al wanneer je opmerkt dat je jezelf afwijst, even blijft bij wat je werkelijk voelt en niet automatisch meegaat in alles wat je hoofd daarover vertelt.
Daar ontstaat ruimte om anders te kiezen.
Niet omdat je ineens een ander mens bent, maar omdat je ook wanneer het moeilijk wordt naast jezelf kunt blijven staan.
Misschien begint liefde voor jezelf precies daar: waar je stopt met jezelf bevechten om te mogen worden wie je wilt zijn.
Wat jij vasthoudt, houdt jou ook vast.
Als je anders met jezelf wilt leren omgaan
Liefde voor jezelf wordt vooral zichtbaar op de momenten waarop iets moeilijk wordt. Deze drie blogs verdiepen ieder een andere kant daarvan.
- Jezelf mee als vriend of vijand: hoe je relatie met jezelf je geluk bepaalt
Waar je ook gaat, je neemt jezelf mee. Ontdek wat er verandert wanneer je niet langer je eigen tegenstander hoeft te zijn. - Schuldgevoel loslaten: jezelf vergeven geeft rust
Wat gebeurt er wanneer je werkelijk iets verkeerd hebt gedaan? Over verantwoordelijkheid nemen zonder jezelf eindeloos te blijven straffen. - Zelfspot: hoe lachen om jezelf je bevrijdt van spanning en perfectionisme
Niet iedere fout hoeft zwaar te worden. Lees hoe mildheid en humor je kunnen helpen om jezelf mens te laten zijn zonder jezelf naar beneden te halen.
Veelgestelde vragen over liefde voor jezelf
Hoe weet ik of ik werkelijk liefdevol met mezelf omga? Kijk vooral naar wat er gebeurt wanneer iets niet lukt. Kun je eerlijk zien wat er misging zonder daar onmiddellijk een oordeel over jezelf aan te verbinden, dan zegt dat vaak meer dan hoe positief je op goede dagen over jezelf denkt.
Waarom ben ik voor anderen vaak milder dan voor mezelf? Bij anderen zie je gemakkelijker het hele verhaal. Je ziet hun omstandigheden, bedoeling en kwetsbaarheid. Bij jezelf kan een strengere norm gelden, vooral wanneer je bent gaan geloven dat hardheid nodig is om goed te functioneren of fouten te voorkomen.
Word ik niet gemakzuchtig wanneer ik minder kritisch op mezelf ben? Mildheid is iets anders dan alles goedkeuren. Je kunt helder zien wat niet goed ging, verantwoordelijkheid nemen en iets veranderen zonder jezelf daarvoor af te breken. Juist wanneer je minder energie kwijt bent aan zelfveroordeling, ontstaat vaak meer ruimte om te begrijpen wat er werkelijk gebeurde.
Wat heeft loslaten met liefde voor jezelf te maken? Je kunt lang vasthouden aan overtuigingen als ik mag geen fouten maken, ik moet sterk zijn of ik moet eerst iets bewijzen voordat ik tevreden mag zijn. Loslaten betekent niet dat je ambitie of waarden verdwijnen. Je laat vooral de innerlijke voorwaarden los waarmee je jezelf steeds opnieuw beoordeelt.
Kan ik van mezelf houden en toch iets aan mezelf willen veranderen? Zeker. Het verschil zit vooral in waar die verandering vandaan komt. Je kunt groeien omdat iets belangrijk voor je is en tegelijkertijd goed met jezelf omgaan zoals je nu bent. Verandering hoeft geen bewijs te zijn dat je huidige zelf eerst onvoldoende is.

