Inhoudsopgave

Doelgericht optimisme — realistisch kijken zonder alvast te leven alsof het misgaat

Doelgericht optimisme is een realistische manier om met onzekerheid, tegenslag en negatieve gedachten om te gaan. Het betekent niet dat je positief moet denken of problemen mooier moet voorstellen dan ze zijn, maar dat je voorkomt dat doemscenario’s en alles wat mis kan gaan het hele beeld gaan bepalen.

Wanneer je aandacht vooral naar risico, teleurstelling of een negatieve uitkomst gaat, kan die mogelijkheid steeds meer als werkelijkheid gaan voelen. Optimisme helpt je opnieuw te onderscheiden wat werkelijk bekend is, wat je nog niet kunt weten en welke andere mogelijkheden eveneens openliggen.

Daarom is optimisme geen roze bril, maar de keuze om niet langer alleen naar de schaduw te staren. Je erkent wat moeilijk is en kiest vervolgens bewust waar jij je aandacht, energie en handelen aan wilt geven binnen de ruimte die je wél kunt beïnvloeden.


Drie vragen om even bij stil te staan

  • Waar krijgt wat mis kan gaan op dit moment zoveel aandacht dat de rest van de werkelijkheid uit beeld raakt? → Wat je ziet, kan waar zijn zonder het hele verhaal te zijn.
  • Welke uitkomst behandel jij in gedachten misschien al als vaststaand terwijl je die nog helemaal niet kunt weten? → Een mogelijkheid kan overtuigend voelen zonder daarmee een feit te worden.
  • Waar heb jij vandaag wél invloed op, ook al kun je de uiteindelijke uitkomst niet bepalen? → Juist daar kan optimisme veranderen van een gedachte in een manier van leven.

Optimisme is geen roze bril

Een vriend van mij, Ronald, vroeg me eens:

“Hoe doe je dat toch? Het lijkt wel alsof tegenslagen jou niet raken.”

Ik begreep zijn vraag wel, want misschien kan het van buiten soms zo lijken. Ik probeer meestal vrij snel weer te kijken naar wat er nog mogelijk is, wat ik zelf kan doen en hoe ik verder wil.

Maar natuurlijk raken tegenslagen mij.

Ik voel teleurstelling, spanning en soms ook machteloosheid wanneer er iets gebeurt waarop ik nauwelijks invloed heb. Ik heb alleen voor mezelf een keuze gemaakt: ik wil niet dat zulke momenten mijn hele leven kleuren.

Dat betekent niet dat ik verdriet, frustratie of onzekerheid wegdruk. Het betekent evenmin dat ik mezelf vertel dat alles vanzelf goedkomt. Ik wil alleen niet vergeten dat wat pijn doet meestal niet het enige is wat er bestaat.

“Optimisme is geen roze bril, maar de keuze om niet langer alleen naar de schaduw te staren.”

Voor mij zit daar het verschil tussen optimisme en jezelf iets wijsmaken. Een roze bril maakt de werkelijkheid mooier; optimisme probeert haar juist vollediger te zien.


Als de schaduw langzaam het hele beeld wordt

Wanneer iets tegenzit, trekt het vanzelf aandacht.

Je krijgt een vervelend bericht en denkt er uren later nog aan. Een gesprek loopt anders dan gehoopt en je blijft teruggaan naar één opmerking. Er ontstaat onzekerheid over je werk en ineens valt je vooral op wat er allemaal mis zou kunnen gaan.

Daar is niets vreemds aan. Wat belangrijk, bedreigend of pijnlijk voelt, vraagt aandacht. Alleen kan één deel van de werkelijkheid daardoor steeds meer plaats gaan innemen.

Stel dat je een belangrijke presentatie moet geven en de gedachte opkomt: straks blokkeer ik.

Je herinnert je die ene presentatie van jaren geleden waarop je zenuwachtig was. Daarna stel je je voor hoe mensen naar je kijken wanneer je een antwoord niet weet. Voor je het goed doorhebt, ben je niet meer bezig met een presentatie die nog moet plaatsvinden.

Je leeft al in de mislukking.

Ondertussen is er óók andere informatie. Je hebt je voorbereid, kent je onderwerp en hebt vaker iets verteld dat goed ging. Er zijn mensen aan wie je iets kunt vragen. En bovenal: de presentatie heeft nog helemaal niet plaatsgevonden.

Dat laatste vergeten we gemakkelijk wanneer één mogelijkheid veel aandacht krijgt.

Aannames en overtuigingen kleuren mee wat je in de werkelijkheid opmerkt. Daardoor kan wat je vreest steeds logischer gaan voelen, terwijl je minder gemakkelijk informatie ziet die niet bij die verwachting past.

Zo kan pessimisme bijzonder overtuigend worden. Het voelt dan niet meer alsof je één mogelijke uitkomst ziet, maar alsof je gewoon ziet hoe het is.


Realistisch kijken betekent ook erkennen wat je niet weet

Sommige mensen noemen zichzelf liever realistisch dan optimistisch. Dat begrijp ik, want optimisme heeft soms het imago gekregen van komt wel goed, denk positief of kijk naar de zonnige kant.

Daar zou ik zelf ook weinig mee hebben.

Er zijn situaties die werkelijk moeilijk zijn. Een onderneming kan mislukken, een relatie kan eindigen, een onderzoek kan een ongunstige uitslag geven en een gesprek kan anders verlopen dan je hoopt.

Realisme betekent dat je daar niet voor wegkijkt. Maar realisme betekent óók dat je eerlijk bent over wat je nog niet weet.

Wanneer je een sollicitatie hebt verstuurd en nog geen reactie hebt gekregen, kan uiteindelijk blijken dat ze voor iemand anders kiezen. Maar op dit moment weet je dat niet.

Wanneer iemand niet op je bericht reageert, kan er iets spelen. Maar ook dan weet je nog niet wat.

En wanneer je iets nieuws begint en tegen een probleem aanloopt, kan dat een serieus signaal zijn. Het kan óók gewoon het eerste probleem zijn van iets wat nog moet groeien.

Wie alleen de negatieve mogelijkheid als realistisch beschouwt, gebruikt het woord realisme eigenlijk te smal.

“Je kunt zien wat er mis kan gaan zonder alvast te leven alsof het mis zal gaan.”

Optimisme vraagt niet dat je risico ontkent. Het vraagt dat je een risico niet verandert in een zekerheid voordat de werkelijkheid daar aanleiding toe geeft.


Het doelgerichte zit niet in de uitkomst

Het woord doelgericht is voor mij belangrijk, maar niet omdat je met optimisme de uitkomst kunt sturen. Dat kun je vaak helemaal niet.

Je kunt niet bepalen hoe iemand reageert, of een plan slaagt, of een behandeling precies het gewenste resultaat geeft of wat er morgen onverwacht gebeurt.

Het doelgerichte zit ergens anders:

Het zit niet in het afdwingen van een positieve uitkomst, maar in bewust kiezen waar je binnen een onzekere werkelijkheid aan wilt bijdragen.

Stel dat je een moeilijk gesprek voor de boeg hebt.

Je kunt niet bepalen hoe de ander reageert, maar je kunt wel bijdragen aan helderheid door eerlijk te spreken. Je kunt bijdragen aan contact door werkelijk te luisteren en aan respect door niet te proberen de reactie van de ander te beheersen.

Je onderneming heeft een tegenvallende maand. Je kunt niet afdwingen dat volgende maand beter wordt, maar je kunt wel klanten spreken, onderzoeken waar behoefte aan is en iets aanpassen in je aanpak.

Of je wacht op een uitslag. Die verander je niet door alle mogelijke scenario’s honderd keer door te nemen, maar je kunt wel kiezen hoe je met de tijd ertussen wilt omgaan.

Juist bewust kiezen waar jouw invloed wél begint maakt optimisme praktisch. Je blijft niet hangen in de overtuiging dat het allemaal wel goedkomt, maar onderzoekt wat jij vandaag kunt doen dat past bij hoe je wilt leven.

Daar krijgt doelgericht optimisme voor mij betekenis.


Van voorspellen naar bijdragen

Wanneer iets onzeker is, stellen we onszelf gemakkelijk vragen waarop nog geen antwoord bestaat.

Gaat dit lukken?

Komt het goed?

Zal hij ja zeggen?

Ga ik hier geen spijt van krijgen?

Je kunt zulke vragen eindeloos blijven herhalen, maar vaak probeer je dan iets te voorspellen wat alleen de toekomst kan beantwoorden.

Misschien helpt daarom een andere vraag:

Waar wil ik aan bijdragen?

Die vraag haalt onzekerheid niet weg, maar brengt je wel terug naar je eigen plaats binnen de situatie.

Stel dat je merkt dat er spanning in een relatie is. De vraag gaat dit nog goedkomen? kan je uren laten zoeken naar signalen in ieder woord, bericht of stil moment.

De vraag waaraan wil ik bijdragen? doet iets anders.

Misschien wil je bijdragen aan eerlijkheid en zeg je iets wat je tot nu toe hebt ingeslikt. Misschien wil je bijdragen aan verbinding en luister je zonder ondertussen ieder antwoord te beoordelen op wat het over de toekomst zou kunnen betekenen. Of misschien wil je bijdragen aan duidelijkheid en stel je eindelijk een vraag waar je al langer omheen loopt.

Het optimisme zit niet in de gedachte dat de relatie zeker goedkomt. Het zit in de keuze om je niet alleen te laten leiden door wat je vreest, maar ook door datgene waaraan je zelf wilt bijdragen.

Daarmee verschuift je aandacht van voorspellen naar deelnemen.

Je bent niet langer alleen iemand die afwacht wat de toekomst met je doet. Je bent ook iemand die vandaag invloed heeft op de manier waarop je in die onzekerheid aanwezig wilt zijn.


Optimisme hoeft je niet weg te halen bij wat moeilijk is

Er zit een valkuil in optimisme: je kunt er ongemerkt een nieuwe opdracht van maken.

Ik moet positiever denken.

Ik mag hier niet zo zwaar aan tillen.

Ik moet kijken naar wat wél goed gaat.

Dan wordt optimisme een manier om jezelf te corrigeren zodra je verdrietig, bang of teleurgesteld bent. Daarmee schiet je het doel voorbij.

Soms is iets gewoon pijnlijk, heb je een dag waarop je niets hoeft om te buigen naar een les of weet je eenvoudigweg niet hoe iets verder moet. Dat hoeft niet onmiddellijk opgelost te worden.

Doelgericht optimisme begint daarom niet met het vermijden van wat moeilijk is. Het begint juist met volledig erkennen wat er is, zonder daar meteen de conclusie aan te verbinden dat dit alles is wat er nog zal zijn.

Je kunt verdriet toelaten zonder van verdriet een voorspelling te maken. Je kunt onzeker zijn zonder daaruit af te leiden dat het misgaat. En je kunt teleurgesteld zijn zonder te besluiten dat je voortaan minder moet verlangen.

Juist daardoor blijft optimisme geloofwaardig. Je hoeft de schaduw niet weg te krijgen; je hoeft alleen niet te vergeten dat zij nooit het hele beeld is.


Wat jouw aandacht krijgt, kan steeds zwaarder gaan wegen

Misschien herken je wat er gebeurt wanneer je ergens bezorgd over bent.

Je wordt wakker en vrijwel meteen komt dezelfde gedachte terug. Onder de douche denk je verder. In de auto speel je mogelijke scenario’s af en tijdens een gesprek merk je dat een deel van je aandacht opnieuw naar hetzelfde onderwerp gaat.

Aan de situatie zelf hoeft ondertussen helemaal niets veranderd te zijn. In jouw ervaring kan ze toch steeds groter worden.

Daarom is doelgericht optimisme geen oproep om je aandacht kunstmatig op positieve dingen te richten. Het vraagt eerder dat je merkt wanneer je aandacht zo sterk rond één mogelijkheid begint te cirkelen dat andere informatie nauwelijks nog binnenkomt.

Een eenvoudige vraag kan dan helpen:

Wat is er óók waar?

Niet: Wat kan ik hier positief van maken? Maar:

Wat zie ik misschien niet meer doordat mijn aandacht bijna volledig bij het probleem ligt?

Misschien is de situatie onzeker én heb je mensen om je heen die er voor je zijn.

Misschien ben je teleurgesteld én zijn er nog keuzes die je kunt maken.

Misschien ben je bang én weet je vandaag meer dan een maand geleden.

Misschien ging iets mis én zegt dat nog niet hoe alles hierna verloopt.

Het woord óók maakt daarin verschil. Het moeilijke hoeft niet weg voordat iets anders daarnaast mag bestaan.


Wanneer optimisme zichtbaar wordt in wat je doet

Optimisme blijft oppervlakkig wanneer het alleen een gedachte is. Het komt wel goed kan zelfs een goede manier zijn om niets te hoeven doen.

Doelgericht optimisme krijgt pas echt betekenis wanneer het invloed krijgt op je keuzes.

Soms betekent dat dat je informatie opvraagt in plaats van zelf verder te speculeren, iemand belt in plaats van nog een avond in gedachten een gesprek te voeren, een fout erkent en onderzoekt wat je ervan kunt leren, om hulp vraagt of een plan aanpast.

En soms betekent het juist dat je besluit vandaag niets meer op te lossen omdat verder nadenken op dit moment niets nieuws meer oplevert.

Het gaat niet om zoveel mogelijk doen, maar om handelen vanuit een ruimer beeld.

Je kunt denken: dit kan misgaan.

En tegelijkertijd vragen:

Wat kan ik nu doen dat klopt, ook al weet ik nog niet hoe het afloopt?

Daar ontstaat beweging zonder garantie.

Misschien is dat wel een stevigere vorm van vertrouwen dan jezelf vertellen dat alles vanzelf goed zal komen.


Ook na een teleurstelling blijft niet alles vaststaan

Optimisme wordt misschien wel het moeilijkst wanneer iets niet meer alleen kán misgaan, maar werkelijk is misgegaan.

Je krijgt de baan niet, een relatie eindigt, een plan waarin je veel hebt geïnvesteerd, werkt niet of iemand reageert op een manier die je raakt.

Dan heeft de schaduw een concrete reden.

Op zo’n moment klinkt blijf positief bijna respectloos. Er is iets gebeurd en dat mag eerst gewoon waar zijn.

Toch betekent wat gebeurd is nog niet automatisch alles wat je er daarna van maakt.

Een afwijzing zegt dat deze mogelijkheid wegvalt. Ze zegt niet dat er geen andere mogelijkheden bestaan.

Een mislukte poging vertelt iets over die poging. Ze bepaalt niet automatisch wat jij later nog kunt leren, veranderen of opnieuw proberen.

Een teleurstelling kan je voorzichtig maken, maar voorzichtigheid hoeft geen conclusie te worden over de rest van je toekomst.

Juist hier vind ik optimisme interessant: niet als methode om tegenslag zo snel mogelijk van een positieve betekenis te voorzien, maar als bereidheid om een gebeurtenis niet meer macht te geven dan zij werkelijk heeft.

De schaduw is echt, maar ook na een moeilijke gebeurtenis hoeft zij niet het hele landschap te worden.


Ruimte houden voor wat nog niet vastligt

We kunnen de toekomst niet volledig overzien. Dat is soms ongemakkelijk, maar juist die openheid bevat méér dan risico: ze bevat ook mogelijkheden.

Niet iedere mogelijkheid wordt werkelijkheid en optimisme hoeft je dat niet te beloven. Het vraagt alleen dat je de slechtste mogelijkheid niet alvast tot de enige werkelijkheid maakt.

Je blijft kijken naar wat er werkelijk gebeurt, merkt wanneer angst of teleurstelling je blik vernauwt en erkent wat pijn doet. Vervolgens onderzoek je opnieuw waar jij je aandacht, energie en handelen aan wilt geven.

“Optimisme is geen voorspelling. Het is een keuze over waar jij je aandacht, energie en handelen aan wilt geven zolang de uitkomst nog niet vaststaat.”

Dat is voor mij uiteindelijk doelgericht optimisme: niet hopen dat het leven precies doet wat jij wilt, maar voorkomen dat wat je vreest al bepaalt hoe je leeft voordat de werkelijkheid haar antwoord heeft gegeven.

Misschien verandert de situatie daardoor nog helemaal niet, maar jouw verhouding tot die situatie verandert wel. Je ziet opnieuw méér dan de schaduw en vanuit dat ruimere beeld kun je kiezen wat jouw volgende beweging wordt.


Misschien raakt dit precies aan wat jij al langer meedraagt.

Niet omdat je het niet begrijpt.
Maar omdat het nog iets met je doet.

Wat je vasthoudt, werkt vaak langer door dan je denkt.

Loslaten begint met stilstaan bij wat er vanbinnen om aandacht vraagt.

Samen kijken wat jou vasthoudt →

Eerst rustig verder lezen? Lees wat loslaten echt betekent .


Conclusie: niet alles wat je ziet is alles wat er is

Toen Ronald mij vroeg waarom het leek alsof tegenslagen mij niet raakten, zat in die vraag iets belangrijks.

Optimisme betekent voor mij niet dat iets mij niet raakt. Het betekent dat wat mij raakt niet automatisch alles hoeft te worden waarnaar ik blijf kijken.

Ik kan teleurgesteld zijn en toch open blijven voor wat hierna nog mogelijk is. Ik kan risico’s zien zonder vooraf te besluiten dat het misgaat. En ik kan erkennen dat ik de uitkomst niet beheers, terwijl ik wel blijf kiezen hoe ik vandaag wil handelen.

Daarom blijft deze zin voor mij de kern:

Optimisme is geen roze bril, maar de keuze om niet langer alleen naar de schaduw te staren.

Niet omdat de schaduw er niet is, maar omdat zij nooit alles is wat er te zien valt.

Wat jij vasthoudt, houdt jou ook vast.


Als je verder wilt onderzoeken hoe je ruimte houdt voor wat er óók nog is

Optimisme begint niet bij het ontkennen van wat moeilijk is, maar bij het voorkomen dat één deel van de werkelijkheid bepaalt wat je nog kunt zien. De ene keer gaat dat over een toekomst die je in gedachten al hebt ingevuld, de andere keer over tegenslag die werkelijk is gebeurd of over de eerste opening waarin hoop weer kan ontstaan.

  • Kiezen voor optimisme: ruimte houden voor wat nog mogelijk is
    Wanneer de toekomst onzeker is, vult je hoofd die open ruimte gemakkelijk met wat er mis kan gaan. Deze blog gaat verder over het verschil tussen een reëel risico zien en een negatieve voorspelling alvast behandelen alsof die werkelijkheid is.
  • Dankbaarheid in tijden van tegenslag: wat er óók nog is
    Wanneer iets werkelijk pijn doet, hoeft daar niet onmiddellijk een positieve betekenis tegenover te staan. Deze blog onderzoekt hoe dankbaarheid ruimte kan geven doordat wat moeilijk is waar mag blijven én er daarnaast opnieuw aandacht kan komen voor wat eveneens betekenis heeft.
  • Hoop opent niet de toekomst — ze opent jou
    Soms veranderen de omstandigheden nog helemaal niet, terwijl er vanbinnen toch iets begint te bewegen. Deze blog gaat verder over het moment waarop belangstelling, verlangen of levenslust terugkeert en het moeilijke niet langer je volledige binnenwereld bezet.

Veelgestelde vragen over doelgericht optimisme

Wat is doelgericht optimisme? Doelgericht optimisme is een realistische manier van omgaan met onzekerheid en tegenslag. Je ontkent risico’s of negatieve gevoelens niet, maar voorkomt dat wat mis kan gaan automatisch het hele beeld bepaalt en kiest bewust waar jij binnen die werkelijkheid aan wilt bijdragen.

Is optimisme niet gewoon positief denken? Niet in de betekenis die ik hier gebruik. Positief denken probeert soms een negatieve gedachte te vervangen door een positievere, terwijl doelgericht optimisme juist begint met eerlijk kijken naar wat werkelijk bekend is, wat nog onzeker is en welke mogelijkheden nog openliggen.

Hoe blijf ik optimistisch wanneer er werkelijk iets mis is gegaan? Je hoeft een teleurstelling niet positief te maken of er onmiddellijk iets van te leren. Optimisme kan dan betekenen dat je erkent wat verloren of mislukt is zonder daar automatisch de conclusie aan te verbinden dat daarmee ook vaststaat wat hierna mogelijk is.

Kan ik optimistisch zijn en toch bang of onzeker zijn? Ja. Optimisme betekent niet dat angst, twijfel of onzekerheid verdwijnen, maar dat zij niet automatisch de enige informatie worden waarop je jouw keuzes baseert. Je kunt iets spannend vinden en toch open blijven voor wat je nog niet weet.

Hoe pas ik doelgericht optimisme praktisch toe? Vraag jezelf bij onzekerheid niet alleen af wat er mis kan gaan, maar ook wat werkelijk bekend is, wat nog openligt en waar jouw invloed vandaag begint. Daarmee verschuift je aandacht van alleen voorspellen naar bewust bijdragen aan wat jij belangrijk vindt.

✉️ Ontvang regelmatig een blog dat zichtbaar maakt wat je vasthoudt. Afmelden kan altijd