Zelfbewustzijn is niet dat je precies weet wie je bent. Het begint veel dichterbij: bij merken wat er in jou gebeurt terwijl het gebeurt. Nog vóórdat je automatisch ja zegt, jezelf inhoudt, meegaat met de ander of doet alsof iets je niets uitmaakt.
Vaak zit daar een begrijpelijk patroon onder. Je wilt de sfeer goed houden, niemand teleurstellen, niet lastig zijn of voorkomen dat er spanning ontstaat. Dat kan lang hebben geholpen. Maar wanneer je op allerlei kleine momenten jouw eigen gevoel, voorkeur of grens al opzijzet voordat iemand anders die überhaupt heeft kunnen ontmoeten, raak je steeds iets verder verwijderd van wat voor jou klopt.
Meer zelfbewustzijn betekent daarom niet dat je voortdurend met jezelf bezig bent. Het betekent dat je eerder ziet wat jou vanbinnen stuurt, zodat er ruimte ontstaat tussen wat je raakt en hoe je reageert. En juist in die ruimte kun je opnieuw kiezen.
Drie signalen die je misschien herkent
- Je zegt ‘het maakt mij niet uit’, terwijl je eigenlijk wel degelijk iets voelt of wilt. → Aanpassen kan zo vertrouwd zijn geworden dat je jouw eigen voorkeur pas later serieus neemt.
- Vlak voordat je jezelf inhoudt, verschijnt er een gedachte als: laat maar, maak er geen gedoe van of straks stel ik iemand teleur. → Zo’n gedachte kan bijna ongemerkt bepalen wat je vervolgens doet.
- Wanneer je niet direct reageert, maar eerst even merkt wat er in jou gebeurt, ontstaat er iets meer ruimte. → Niet om altijd voor jezelf te kiezen, maar om niet automatisch hetzelfde patroon te volgen.
Zelfbewustzijn begint vaak in een heel gewoon moment
Je zit met een paar mensen aan tafel. Iemand vraagt waar jullie zullen eten.
Er worden wat voorstellen gedaan en uiteindelijk kijkt iemand naar jou.
‘Wat wil jij?’
Je voelt eigenlijk meteen een voorkeur. Er is één plek waar je graag naartoe zou willen. Tegelijk merk je heel even iets in je buik, bijna alsof je lichaam zich alvast schrap zet voor het moment waarop jouw voorkeur misschien niet bij die van de anderen past.
Nog voordat je daar echt bij stilstaat, hoor je jezelf zeggen:
‘Voor mij maakt het niet zoveel uit.’
Het gesprek gaat verder. Iemand anders kiest en daarmee lijkt het moment voorbij.
Pas later merk je misschien dat je baalt van de keuze. Niet enorm. Het gaat tenslotte maar om een restaurant. Toch zit er ergens een kleine irritatie. Misschien denk je zelfs dat anderen wel erg gemakkelijk bepalen wat er gebeurt.
Maar niemand heeft jouw voorkeur afgewezen.
Je hebt haar zelf niet laten zien.
Precies in zulke kleine momenten wordt zelfbewustzijn concreet. Niet omdat je vanaf nu bij iedere keuze uitgebreid naar binnen moet keren, maar omdat in een paar seconden zichtbaar kan worden hoe snel je jezelf soms uit een situatie haalt.
Je voelt iets. Je hebt een voorkeur. Vrijwel meteen komt er een gedachte of impuls overheen. Je wilt niet moeilijk doen, de sfeer niet verstoren of jouw wens niet belangrijker maken dan die van een ander. Voor je goed en wel hebt gemerkt wat er gebeurde, heb je al gereageerd.
Wanneer dit af en toe gebeurt, is er weinig aan de hand. Maar wanneer je op tientallen van zulke momenten jouw voorkeur, grens of gevoel al kleiner maakt voordat iemand anders erop heeft kunnen reageren, kan dat langzaam doorwerken. Je wordt makkelijker geïrriteerd, voelt je minder gezien of merkt dat je vaak met anderen meebeweegt zonder nog goed te weten wat jij zelf eigenlijk wilde.
Zelfbewustzijn betekent dat je die beweging steeds iets eerder leert herkennen.
Niet alleen achteraf, wanneer je precies kunt uitleggen waarom je jezelf hebt aangepast. Maar liefst terwijl het gebeurt.
Je kunt namelijk veel over jezelf weten en toch steeds dezelfde automatische reactie herhalen. Je kunt begrijpen dat je conflict vermijdt, behoefte hebt aan waardering of jezelf gemakkelijk wegcijfert, terwijl je daar in het dagelijks leven nog telkens in terechtkomt.
Zelfbewustzijn brengt je daarom dichter bij het moment vóórdat het patroon het overneemt.
“Zelfbewustzijn begint niet bij precies weten wie je bent, maar bij merken wat jou op dit moment stuurt.”
Zelfbewustzijn staat daarmee niet los van bewustzijn. Bewustzijn is breder: het gaat over opmerken wat je denkt, voelt, doet en ervaart. Zelfbewustzijn richt die aandacht naar binnen: wat gebeurt er specifiek in mij, welke betekenis geef ik daaraan en hoe beïnvloedt dat mijn reactie? In Wat bewustzijn betekent en hoe het zich kan verdiepen lees je meer over die bredere basis en over hoe bewustzijn samenhangt met waarnemen, voelen en kiezen.
Jezelf aanpassen gebeurt vaak voordat je het doorhebt
Aanpassen heeft een wat negatieve klank gekregen. Alsof trouw zijn aan jezelf betekent dat je altijd je eigen zin moet volgen en je niets meer van een ander hoeft aan te trekken.
Zo werkt verbinding natuurlijk niet.
We stemmen voortdurend af. Je houdt rekening met iemand die moe is, schuift een afspraak omdat het voor de ander beter uitkomt of luistert eerst voordat je jouw eigen mening geeft. Soms ga je bewust mee met de keuze van een groep, ook al had jij zelf iets anders gekozen.
Dat is geen zelfverlies. Dat is samenleven.
Het verschil ontstaat wanneer je niet meer werkelijk kiest om mee te bewegen, maar jouw eigen kant van de situatie al hebt weggedrukt voordat je hebt gevoeld wat jij eigenlijk vindt of wilt.
Misschien herken je dat op je werk. Tijdens een overleg heb je een andere mening, maar terwijl de rest enthousiast reageert, hoor je jezelf zeggen dat het voorstel prima is. Of iemand vraagt of je nog iets kunt oppakken terwijl je agenda al vol zit. Je voelt wel even weerstand, maar nog voordat je die serieus hebt genomen, heb je alweer ja gezegd.
Ook in relaties gebeurt het gemakkelijk. Je partner vraagt of er iets is en je zegt: ‘Nee hoor, niks aan de hand’, terwijl iets je wel degelijk geraakt heeft. Je wilt de avond niet verpesten, geen discussie beginnen of niet weer degene zijn die ergens over begint.
Van buiten lijkt dat misschien op harmonie. Vanbinnen kan er ondertussen iets anders gebeuren: je blijft wel aanwezig bij de ander, maar raakt het contact met jezelf langzaam kwijt.
En juist dát kan veel energie kosten. Niet omdat je een keer meegaat of iets voor een ander doet, maar omdat je steeds opnieuw kleine signalen in jezelf overslaat. Je voelt iets, maar handelt alsof je het niet voelt. Je hebt een voorkeur, maar maakt haar onbelangrijk. Je voelt een grens, maar stelt het uit om haar uit te spreken.
Na verloop van tijd kun je daar zelfs boos of teleurgesteld over raken. Niet alleen op jezelf, maar ook op de mensen om je heen. Alsof zij te veel bepalen, terwijl jij jezelf misschien al veel eerder uit de keuze hebt gehaald.
Afstemmen houdt jou én de ander in beeld. Aanpassen laat jou langzaam uit beeld verdwijnen.
Het verschil kan aan de buitenkant nauwelijks zichtbaar zijn. Vanbinnen is het groot.
Waarom jezelf aanpassen zo logisch kan voelen
Wanneer je jezelf vaak aanpast, helpt het weinig om tegen jezelf te zeggen dat je daar nu eens mee moet ophouden.
Meestal is er namelijk een goede reden waarom die reactie ooit logisch werd.
Misschien heb je geleerd dat harmonie belangrijk is, dat rekening houden met anderen wordt gewaardeerd of dat het veiliger voelt om niet te veel ruimte in te nemen. Wanneer aanpassen spanning voorkwam en tegelijkertijd waardering, rust of verbondenheid opleverde, is het begrijpelijk dat je erop bent blijven vertrouwen.
Stel dat je als kind vaak hoorde dat je zo makkelijk was. Je klaagde weinig, paste je snel aan en veroorzaakte geen gedoe. Je hebt toen waarschijnlijk nooit bewust besloten om jouw eigen wensen voortaan minder belangrijk te maken.
Dat hoeft ook niet.
Je merkt gewoon dat gemakkelijk zijn iets oplevert. De sfeer blijft goed, mensen zijn tevreden en jij voelt dat je erbij hoort. Langzaam kan daar een conclusie onder ontstaan: als ik niet te lastig ben, blijft het goed tussen ons.
Zo’n aanname hoeft nooit letterlijk te zijn uitgesproken om later invloed te hebben. Jaren daarna zit je aan een tafel, iemand vraagt waar jij wilt eten en nog voordat je jouw voorkeur uitspreekt, voelt het gemakkelijker om te zeggen dat het jou niet zoveel uitmaakt.
Daar kan behoefte aan waardering, veiligheid of goedkeuring onder liggen. Misschien wil je een verschil van mening voorkomen omdat je bang bent dat er afstand ontstaat. Misschien voelt de teleurstelling van een ander zwaarder dan jouw eigen ongemak. Of misschien ben je zo gewend geraakt aan het beeld dat jij zorgzaam, gemakkelijk en begripvol bent, dat een duidelijke voorkeur bijna voelt alsof je iets doet wat niet bij jou hoort.
Zelfbewustzijn verdiept zich wanneer je niet alleen ziet dát je jezelf aanpast, maar ook begint te herkennen wat je daarmee probeert te behouden.
Niet om jezelf daarop te betrappen, maar om te begrijpen waarom dit patroon zo overtuigend kan voelen.
Want wat ooit bescherming gaf, hoeft je niet je hele leven te blijven sturen.
Wanneer oude aannames zo vertrouwd zijn geworden dat ze bijna als feiten voelen, kan het lastig zijn om te zien hoeveel ruimte ze innemen. In Als je jezelf inhoudt: oude aannames loslaten en weer ruimte voelen lees je hoe zulke oude verhalen ongemerkt kunnen bepalen wat je jezelf nog toestaat.
💡 Wat probeer jij te beschermen op het moment dat je jezelf inhoudt — verbinding, goedkeuring, veiligheid of het beeld dat anderen van jou hebben?
Wanneer een manier van beschermen gaat voelen als ‘wie ik ben’
Wanneer een bepaalde manier van reageren vaak genoeg werkt, gebeurt er na verloop van tijd iets bijzonders: je ervaart haar niet meer als bescherming.
Ze gaat voelen als persoonlijkheid.
‘Ik ben gewoon makkelijk.’
‘Ik hoef niet zo nodig op de voorgrond.’
‘Ik houd niet van gedoe.’
‘Ik ben nu eenmaal iemand die eerst aan anderen denkt.’
Misschien klopt dat deels ook. Zelfbewustzijn betekent niet dat je alles wat je over jezelf weet ineens moet wantrouwen.
Maar het nodigt je wel uit om nieuwsgierig te blijven.
Want er is verschil tussen iemand zijn die werkelijk gemakkelijk kan meebewegen en iemand die heeft geleerd dat een eigen voorkeur spanning kan veroorzaken. Er is verschil tussen zorgzaam zijn en jezelf verantwoordelijk voelen voor hoe iedereen zich voelt. En er is verschil tussen niet van conflict houden en zo bang zijn voor verwijdering dat je jouw eigen waarheid liever inslikt.
Dat onderscheid ontdek je niet door jezelf een nieuw etiket te geven. Het wordt vooral zichtbaar in concrete situaties waarin iets in jou wordt geraakt.
Wat gebeurt er bijvoorbeeld wanneer je wél een voorkeur uitspreekt?
Misschien voel je onmiddellijk spanning. Je hoofd schiet vooruit: wat als de ander dit niet leuk vindt? Wat als ik lastig word gevonden? Wat als de sfeer verandert?
Dan zie je dat jouw reactie misschien niet alleen voortkomt uit wie je bent, maar ook uit wat je probeert te voorkomen.
En precies daarom kan het zo spannend voelen om een oud patroon losser te laten. Je verandert dan niet alleen gedrag. Soms raak je ook aan een identiteit waaraan je jarenlang houvast hebt ontleend: de sterke, de zorgzame, de makkelijke of degene op wie iedereen altijd kan rekenen.
Die kwaliteiten hoeven helemaal niet weg.
Het gaat erom dat je ze weer kunt inzetten omdat je ervoor kiest, en niet omdat je niet meer weet hoe je anders zou kunnen zijn.
“Wat jij ‘zo ben ik nu eenmaal’ noemt, kan soms ook een oude manier zijn waarop je jezelf veilig hebt gehouden.”
Je lichaam merkt soms eerder dat er iets gebeurt
Nog vóórdat je een patroon kunt uitleggen, heeft je lichaam soms al gereageerd.
Dat kleine moment aan tafel liet het eigenlijk al zien. Iemand vroeg wat jij wilde en vlak voordat ‘voor mij maakt het niet uit’ uit je mond kwam, voelde je misschien iets in je buik. Niet groot genoeg om alarm te slaan, maar wel merkbaar als je er aandacht voor had gehad.
Dat soort signalen komen ook op andere momenten voor. Je adem verandert wanneer iemand kritiek geeft. Je voelt spanning in je keel wanneer je iets wilt uitspreken. Je kaken spannen zich aan terwijl je zegt dat iets prima is.
Daar moeten we tegelijkertijd voorzichtig mee omgaan.
Je lichaam is geen foutloos kompas dat bij iedere spanning zegt: dit klopt niet.
Iets wat juist heel goed bij je past kan eveneens spanning oproepen. Wanneer je jarenlang gewend bent geweest om mee te bewegen, kan het uitspreken van een eenvoudige voorkeur ongemakkelijk voelen. Niet omdat die voorkeur verkeerd is, maar omdat je iets doet wat minder vertrouwd is.
De spanning vertelt je daarom niet wat je moet kiezen.
Ze vertelt vooral: hier gebeurt iets.
Dat is waardevolle informatie.
Misschien hoef je daar niet meteen een verklaring voor te vinden. Je kunt eerst even merken waar je spanning voelt, hoe je ademt en welke impuls direct daarna verschijnt. Vaak wordt dan ook de gedachte hoorbaar die normaal zo snel voorbijgaat: doe niet moeilijk, laat maar of straks vindt hij je egoïstisch.
Zo wordt zichtbaar hoe snel een heel proces zich kan voltrekken. Er gebeurt iets, je lichaam reageert, je hoofd geeft er betekenis aan en vrijwel direct ontstaat de neiging om iets te doen.
Normaal kan dat binnen enkele seconden voorbij zijn.
Zelfbewustzijn vertraagt die beweging net genoeg om haar te kunnen zien.
En wat je kunt zien, hoeft je niet meer automatisch mee te nemen.
Zelfbewustzijn betekent niet dat je altijd voor jezelf kiest
Misschien wil jij die avond eigenlijk liever thuisblijven.
Je hebt een drukke week gehad en verlangt naar rust. Tegelijk is een goede vriend jarig en weet je dat het voor hem belangrijk is dat je erbij bent.
Zelfbewustzijn betekent niet dat je dan automatisch thuis moet blijven omdat dat op dit moment prettiger voelt.
Het betekent dat je beide kanten kunt zien.
Je merkt de vermoeidheid op, erkent dat je behoefte hebt aan rust en voelt tegelijkertijd dat de vriendschap belangrijk voor je is. Vervolgens kun je bewust besluiten toch te gaan — niet omdat je jouw behoefte ontkent, maar omdat je weet waarvoor je kiest.
Dat is heel iets anders dan automatisch meegaan omdat je bang bent dat iemand teleurgesteld in je raakt.
Zelfbewustzijn maakt je dus niet tot het middelpunt van iedere situatie. Het helpt je juist om beter af te stemmen, omdat je jezelf én de ander kunt meenemen.
Je hoeft niet iedere gedachte te geloven, ieder gevoel te volgen of iedere impuls uit te voeren. Soms voel je irritatie en kies je ervoor eerst te luisteren. Soms voel je angst en zet je juist een stap naar voren. Soms voel je schuld wanneer je een grens stelt en laat je dat gevoel bestaan zonder de grens meteen weer in te trekken.
De vraag is niet of iets gemakkelijk voelt.
De vraag is of jij nog weet waarom je kiest wat je kiest.
Dan kan rekening houden met een ander juist een heel vrije keuze zijn.
De ruimte waarin je jezelf niet automatisch hoeft weg te cijferen
Laten we nog één keer teruggaan naar de tafel.
Iemand vraagt:
‘Waar wil jij eigenlijk eten?’
Je voelt hoe het bekende antwoord al klaarstaat.
Voor mij maakt het niet uit.
Maar deze keer spreek je het niet onmiddellijk uit.
Je merkt eerst die lichte spanning in je buik. De gedachte maak het nou niet ingewikkeld komt voorbij en tegelijkertijd voel je hoe belangrijk je het vindt dat het gewoon gezellig blijft.
Je hoeft daar niets mee te doen.
Je hoeft jezelf niet streng toe te spreken en je hoeft ook niet ineens te bewijzen dat je voortaan altijd voor jezelf kiest.
Je merkt alleen wat er gebeurt.
En precies daardoor ontstaat een opening tussen de vraag van de ander en jouw vertrouwde reactie.
In die ruimte kun je voelen dat je eigenlijk wél een voorkeur hebt.
Misschien zeg je vervolgens:
‘Ik zou eigenlijk graag naar dat kleine Italiaanse restaurant willen. Maar als jullie iets anders willen, hoor ik het ook.’
Een doodgewone zin.
Niemand aan tafel hoeft te weten hoeveel er in die paar seconden gebeurde.
Maar voor jou kan het verschil groot zijn.
Je hebt de ander niet buitengesloten en je hebt jouw voorkeur ook niet boven die van de rest geplaatst. Je hebt alleen voorkomen dat jij al uit beeld verdween voordat de anderen überhaupt konden horen wat je wilde.
Dat is waar zelfbewustzijn praktisch wordt.
Niet doordat je voortaan alles perfect waarneemt en altijd precies de juiste keuze maakt, maar doordat een oude reflex niet meer vanzelfsprekend jouw hele reactie bepaalt.
Misschien kiest de groep uiteindelijk toch een ander restaurant.
Ook dat kan.
Zelfbewustzijn garandeert niet dat jij krijgt wat je wilt. Het geeft je iets fundamentelers terug: jouw aanwezigheid in de keuze.
Je hebt gevoeld wat er in je opkwam, gemerkt welke gedachte eraan verbonden was en gezien wat je probeerde te voorkomen. Daardoor hoefde die eerste reflex niet automatisch te beslissen wat je deed.
Daar ontstaat ruimte tussen prikkel en reactie.
En in die ruimte kun je opmerken, toelaten en erkennen wat er gebeurt, voordat een oud patroon de keuze al voor je heeft gemaakt.
💡 Wat zou er veranderen als je jezelf één ademhaling extra gaf voordat je ‘het maakt mij niet uit’, ‘is goed’ of ‘doe maar’ zegt?
“Vrijheid ontstaat niet doordat iedereen met jou meegaat, maar doordat jij jezelf niet hoeft te verlaten om erbij te blijven.”
Wanneer je jezelf beter ziet, hoef je jezelf minder te verbeteren
Er zit nog een andere valkuil in zelfbewustzijn.
Je kunt er een nieuw verbeterproject van maken.
Dan moet je ineens beter voelen, sneller herkennen wat er gebeurt, altijd eerlijk zijn en nooit meer automatisch reageren. Voor je het weet is zelfbewustzijn opnieuw een lat waaraan je probeert te voldoen.
Maar het doel is niet dat je nooit meer in oude patronen terechtkomt.
Misschien merk je een reactie eerst pas uren later op. De volgende keer na tien minuten. Later terwijl je midden in de reactie zit. En soms ineens vlak ervoor.
Daar groeit zelfbewustzijn.
Niet doordat je harder aan jezelf werkt, maar doordat je steeds iets eerder aanwezig bent bij wat er in jou gebeurt.
Juist daarom hoort mildheid erbij. Niet als manier om alles goed te praten, maar omdat hard oordeel je gemakkelijk opnieuw bij jezelf vandaan brengt.
Wanneer je merkt dat je jezelf alweer hebt aangepast, hoef je daar niet meteen aan toe te voegen dat je het inmiddels beter had moeten weten. Je kunt ook herkennen: dit patroon wordt blijkbaar nog snel geraakt. Ik begrijp steeds beter waarom. En juist omdat ik het begin te zien, hoef ik het niet automatisch te blijven volgen.
Je hoeft niet harder aan jezelf te werken om dichter bij jezelf te komen.
Soms is eerder opmerken al een grote verandering.
Misschien raakt dit precies aan wat jij al langer meedraagt.
Niet omdat je het niet begrijpt.
Maar omdat het nog iets met je doet.
Wat je vasthoudt, werkt vaak langer door dan je denkt.
Loslaten begint met stilstaan bij wat er vanbinnen om aandacht vraagt.
Samen kijken wat jou vasthoudt →
Eerst rustig verder lezen? Lees wat loslaten echt betekent .
Conclusie: jezelf opmerken voordat een oud patroon voor je kiest
Zelfbewustzijn gaat uiteindelijk niet over perfecte kennis van jezelf.
Het gaat over aanwezig zijn wanneer er iets in jou gebeurt — nog voordat een vertrouwde reactie de keuze al voor je heeft gemaakt.
Misschien wil je waardering vasthouden, afstand voorkomen of blijven voldoen aan het beeld van degene die altijd makkelijk, sterk of zorgzaam is. Dat is niet vreemd. Juist wanneer je begrijpt waarom zo’n patroon ooit logisch werd, kun je beter zien of het vandaag nog steeds voor jou hoeft te beslissen.
En soms wordt die verandering zichtbaar in iets heel gewoons.
Iemand vraagt wat jij wilt.
Je voelt de vertrouwde neiging om te zeggen dat het je niet uitmaakt.
Maar deze keer merk je jezelf op.
Misschien kies je daarna voor jouw voorkeur. Misschien beweeg je bewust mee met de ander.
Maar je kiest niet meer zonder jezelf.
Daar begint de ruimte om niet langer automatisch vast te houden aan wie je dacht te moeten zijn — en opnieuw te kiezen vanuit wie je nu bent.
Wat jij vasthoudt, houdt jou ook vast.
Verder kijken naar wat jou vanbinnen stuurt
Deze drie blogs verdiepen hoe automatische reacties, oude verhalen en zelfreflectie invloed hebben op de keuzes die je maakt.
- Van automatische piloot naar bewuste keuze: wie zit er echt aan het stuur van jouw reactie?
Wanneer een reactie sneller komt dan jouw bewuste keuze, helpt dit blog je het tussenmoment te herkennen en oude patronen minder automatisch te volgen. - Zelfreflectie: je automatische verhaal niet langer geloven
Zelfbewustzijn laat je zien wat er gebeurt; zelfreflectie helpt je onderzoeken welk verhaal, welke overtuiging of welke verklaring daaronder blijft meespelen. - Zelfreflectie: stoppen met jezelf verbeteren — beginnen met jezelf begrijpen
Wanneer naar jezelf kijken al snel verandert in jezelf beoordelen, brengt dit blog je terug naar een mildere vorm van eerlijkheid waarin begrijpen belangrijker wordt dan jezelf repareren.
Veelgestelde vragen over zelfbewustzijn en vrije keuze
Wat is zelfbewustzijn? Zelfbewustzijn is het vermogen om op te merken wat er in jou gebeurt: wat je voelt, denkt en nodig hebt en welke reactie daardoor in beweging komt. Het gaat niet alleen om jezelf achteraf begrijpen, maar juist om steeds eerder zien wat jou in het moment stuurt. Daardoor ontstaat meer ruimte om bewust te kiezen.
Wat is het verschil tussen bewustzijn en zelfbewustzijn? Bewustzijn gaat breder over het waarnemen van wat je denkt, voelt en ervaart en van wat er om je heen gebeurt. Zelfbewustzijn richt die aandacht specifiek op jezelf: hoe reageer jij, welke gedachte, behoefte of overtuiging speelt mee en wat doet dat met jouw gedrag? Zelfbewustzijn is daarmee een persoonlijke verdieping van bewustzijn.
Hoe merk ik dat ik mezelf te veel aanpas? Dat kan zichtbaar worden wanneer je regelmatig ja zegt terwijl je nee voelt, jouw voorkeur inslikt of pas achteraf merkt dat je ergens eigenlijk niet achter stond. Soms merk je daarbij spanning, irritatie of vermoeidheid, maar zulke signalen hebben niet altijd dezelfde betekenis. Belangrijker is de vraag of je bewust koos om mee te bewegen of dat jouw eigen voorkeur al uit beeld was voordat er iets te kiezen viel.
Waarom voelt voor mezelf opkomen soms egoïstisch? Wanneer je gewend bent harmonie te bewaren of veel rekening te houden met anderen, kan een eigen voorkeur of grens al snel ongemakkelijk voelen. Dat betekent niet automatisch dat je egoïstisch handelt; het kan ook betekenen dat je iets doet wat voor jou minder vertrouwd is. Zelfbewustzijn helpt je rekening te blijven houden met de ander zonder jouw eigen gevoel of grens al vooraf onbelangrijk te maken.
Hoe kan ik mijn zelfbewustzijn vergroten? Begin in gewone dagelijkse momenten. Merk op wat er in je lichaam gebeurt, welke gedachte verschijnt en welke reactie onmiddellijk wil volgen, zonder daar meteen iets van te hoeven vinden. Juist door vóór je reactie een beetje ruimte te laten ontstaan, krijg je steeds beter zicht op wat jou vanbinnen stuurt.

